De gevolgen van voorwaardelijk of herroepelijk schenken

Het is mogelijk om een schenking te doen onder het stellen van een of meerdere voorwaarden. Dit kan gebeuren in de vorm van een opschortende of een ontbindende voorwaarde in de overeenkomst van schenking. Veelal doet men dit om toch nog enige controle te houden op hetgeen is geschonken of op de begunstigde zelf.

Opschortend wil zeggen dat pas als aan de voorwaarde is voldaan, de schenking een feit is. Pas dan is ook schenkbelasting verschuldigd. Ingeval van een ontbindende voorwaarde heeft de schenking plaatsgevonden (en is er op dat moment dus ook schenkbelasting verschuldigd), maar wordt de schenking teruggedraaid als aan de voorwaarde wordt voldaan. In dat geval kan men bij de Belastingdienst verzoeken om de destijds voldane schenkbelasting terug te betalen. Daarnaast kan een schenking herroepelijk worden gedaan, hetgeen inhoudt dat de schenker om hem moverende redenen de gedane schenking kan terugdraaien. Ook in die situatie kan worden verzocht tot restitutie van de eerder voldane schenkbelasting.

Om misbruik te voorkomen heeft de wetgever een beperking aangebracht in de teruggaaf van deze schenkbelasting. De teruggaaf wordt verminderd met de schenkbelasting die zou zijn verschuldigd over de inkomsten die uit het geschonken vermogen zijn verkregen, als ware deze inkomsten zelfstandig geschonken. Die fictieve schenking van die inkomsten wordt geacht ineens te hebben plaatsgevonden in het jaar dat de oorspronkelijke schenking is gedaan. Een voorbeeldje moge dit verduidelijken:

Vader schenkt een bedrag van € 100.000 aan zoon onder de ontbindende voorwaarde dat hij zijn studie binnen drie jaar afrondt. Na toepassing van een vrijstelling van (stel) € 5.000 is hierover een bedrag van € 9.500 (10%) aan schenkbelasting voldaan. Na drie jaar blijkt door zoon niet aan deze voorwaarde voldaan. Tussentijds heeft zoon over het geschonken bedrag wel € 9.000 aan rentebaten ontvangen. Bij het terugdraaien van de schenking wordt de € 9.000 rente als een separate schenking van vader aan zoon gezien. Hierover zou, na toepassing van de vrijstelling van € 5.000, een bedrag van € 400 aan schenkbelasting zijn geheven. De teruggaaf schenkbelasting wordt daarom beperkt tot (9.500 - 400 =) € 9.100.

De beperking van de teruggaaf lijkt onvoordelig, maar hoeft dit niet altijd te zijn. Bedenk dat door de tijdelijke verschuiving van vermogen wellicht optimaler gebruik wordt gemaakt van vrijstellingen (en met ingang van 2017) tariefverschillen in Box 3 of de toepassing van heffingskortingen, waardoor over het geheel bezien een belastingvoordeel wordt gerealiseerd. Er vanuit gaande dat in dit voorbeeld zoon verder geen inkomsten had in die drie jaar, betaalt vader over deze periode tenminste € 3.600 minder aan inkomstenbelasting.

Daarnaast kan door het herroepelijk schenken een gunstige manier van inkomensverschuiving worden bewerkstelligd. Het volgende voorbeeld maakt dit duidelijk:

Vader schenkt aan studerende zoon herroepelijk 20% van zijn aanmerkelijk belangaandelen onder toepassing van de zogenaamde bedrijfsopvolgingsregeling, zodat geen schenkbelasting is verschuldigd. Jaarlijks wordt op deze aandelen een bruto dividend van € 10.000 uitgekeerd. Na afloop van de studie wordt de schenking herroepen. Omdat eerder geen schenkbelasting is geheven, zal nu ook geen restitutie kunnen worden geclaimd. Zoon heeft echter jaarlijks € 10.000 dividend ontvangen, welke bij hem door de toepassing van de algemene heffingskorting per saldo niet is belast. Dit lijkt een gunstig alternatief voor de situatie dat vader zelf € 10.000 aan bruto dividend had ontvangen om van daaruit een schenking aan zoon te kunnen doen. De heffing van inkomsten- en schenkbelasting zou dan tenminste € 2.750 per jaar bedragen. Daarnaast zou zoon dan niet de heffingskorting benutten.

Overigens is niet altijd duidelijk of men een ontbindende dan wel opschortende voorwaarde is overeengekomen. Veelal is dit te wijten aan een onhandige formulering van de overeenkomst. Ter voorkoming van navordering van de verschuldigde schenkbelasting (onder berekening van belastingrente) ingeval toch sprake blijkt te zijn van een ontbindende voorwaarde, is het raadzaam dit soort onduidelijkheden te voorkomen. Veelal kan dit door in de schenkovereenkomst expliciet het woord "ontbindend" dan wel "opschortend" te hanteren.

Het is van belang te onderkennen dat de kans dat een schenking wordt herroepen of dat aan een ontbindende dan wel opschortende voorwaarde wordt voldaan, gevolgen kan hebben voor de Box 3 positie van zowel schenker als begunstigde. In de waardering van het recht c.q. de verplichting moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat (met name) herroeping of ontbinding zal plaatsvinden. Beide belastingplichtigen kunnen deze kansen overigens verschillend inschatten.

Ik wil meer informatie ontvangen over dit onderwerp

(*)
Vul hier je naam in

(*)
Ongeldige invoer

Opmerking (optioneel)

(*)
Ongeldige invoer

Kees Kocks

Kees Kocks

Adviseur
Deel dit artikel
Accepteer marketing-cookies om dit artikel te kunnen delen.

Ik wil meer informatie ontvangen over dit onderwerp

Vul hier je naam in

Ongeldige invoer

Opmerking (optioneel)

Ongeldige invoer