Nieuwe belastingroute?

Sinds 1 januari 2017 is het forfaitair (fictief) rendement op vermogen (box 3) gewijzigd. Voor vermogens tot € 100.000 geldt een forfaitair rendement van 2,87%. Voor vermogens tussen € 100.000 en € 1 miljoen is dat 4,60% en voor vermogens van meer dan € 1 miljoen 5,39%.

Over het forfaitair rendement is 30% inkomstenbelasting verschuldigd. Als met een beetje mazzel een werkelijk rendement wordt gehaald van 1%, is de belastingheffing hoger dan het behaalde rendement! Geen wonder dat wordt gezocht naar manieren om de belastingdruk te verlagen. De laatste trend volgens de media: vermogen onderbrengen in een fonds voor gemene rekening.

Snel verdiend!

Het voordeel van een fonds is dat het vermogen niet meer in box 3 is belast, maar in box 2. Daar waar de vermogensbelasting wordt geheven over een fictief rendement, wordt bij een fonds alleen over de werkelijke inkomsten belasting betaald. De belastingheffing bedraagt 40%. Met de huidige rentestand kan dat veel schelen. Een kleine rekensom ter verduidelijking:

Omvang van het spaargeld: € 100.000. Te ontvangen rente: 1%. In box 3 geldt een vrijstelling van € 25.000. € 75.000 is belast. De te betalen belasting bedraagt dan € 75.000 x 2,87% x 30% = € 645.

Het belastingtarief in box 2 bedraagt 40% over het daadwerkelijk rendement. De te betalen belasting bedraagt dan € 100.000 x 1% x 40% = € 400.

Snel verdiend!

Populariteit voor het fonds

Bijkomend voordeel is dat het fonds niet in het Handelsregister moet worden ingeschreven. De eigenaren van het spaargeld kunnen niet achterhaald worden.

Is dit een nieuwe route? Nee, maar de combinatie van hogere belastingheffing en dalende rente zorgt voor een toenemende populariteit voor het fonds. Is het fonds snel en eenvoudig op te richten? Zeker. Maar pas op: er gelden een aantal strikte voorwaarden. Neem daarom altijd eerst contact op met een Ruitenburg adviseur.

 

Marc Schouten

Marc Schouten

Adviseur
Deel dit artikel