Als een werknemer een geschikte bedrijfsopvolger is

De fiscale wet kent nogal wat bepalingen die je toestaan een onderneming gunstig over te dragen aan een volgende generatie. Voor de inkomstenbelasting en de schenk- en erfbelasting zijn voorzieningen getroffen als de onderneming (te) goedkoop naar de kinderen gaat. Als je aan enkele voorwaarden voldoet, is geen van deze heffingen verschuldigd of krijg je een forse tegemoetkoming. Wanneer onverhoopt wel belasting moet worden betaald, krijg je een langdurig uitstel van heffing. Voor overdracht binnen de familiesfeer geldt voor de overdrachtsbelasting daarnaast nog een vrijstelling voor het bedrijfsmatige vastgoed. Dit allemaal gericht op het zoveel mogelijk beschermen van de continuïteit van de onderneming. Deze is er immers bij gebaat als het geld in de onderneming blijft en niet wegvloeit in de vorm van belastingheffing.

Niet altijd is de eigen volgende generatie de aangewezen opvolger. Soms is een bepaalde werknemer een veel betere ondernemer en daarmee bij uitstek de aangewezen persoon om het bedrijf voort te zetten. Om de onderneming zoveel mogelijk ongehinderd te laten voortbestaan is er dan reden om de onderneming (deels) aan die werknemer te schenken, in plaats van aan de eigen kinderen. De fiscale wet kent gelukkig ook bij overdracht aan een werknemer diverse faciliteiten. De Belastingdienst maakt deze echter tot een dode letter. Wat is namelijk het geval?

De schenking van een onderneming aan een werknemer wordt door de Belastingdienst gezien als een voordeel uit dienstbetrekking en daarmee dus een verkapt loonbestanddeel. De begunstiging die hiermee ontstaat voor de werknemer, vloeit dan alsnog in de vorm van een heffing van loonbelasting weg naar de Belastingdienst. De onderneming wordt hiermee alsnog belemmerd in de dagelijkse voortgang. Dat in zo’n geval de schenkbelasting een stapje opzij doet, is een doekje voor het bloeden: over het algemeen wordt bij de schenking van een onderneming toch al nauwelijks schenkbelasting geheven.

Het is echter moeilijk voor te stellen dat een werknemer die al een behoorlijk salaris van € 150.000 per jaar ontvangt en enig reële opvolger is voor een onderneming met een waarde van € 2.000.000, dit krijgt toegekend alsof het een reguliere (belaste) decemberbonus was. Ieder zinnig mens is toch eerder geneigd de reden van zo’n schenking (of erfstelling) buiten het dienstverband te zoeken? Is hieraan nu niets te doen voor een ondernemer die het belang van de onderneming voorop stelt en graag voordelig wil overdragen aan de meest geschikte persoon, zijnde een werknemer? Gelukkig wel.

Te denken valt aan een reguliere verkoop aan de werknemer, maar met de nodige prijsdrukkende voorwaarden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een verbod op doorverkoop voor de eerste vijf of zes jaar, of een langdurig anti-speculatiebeding. Eventueel spreek je daarbij zachte leningsvoorwaarden af. Een mogelijkheid is daarnaast overdracht van de onderneming middels een ingroeiregeling. Ook kun je besluiten de onderneming over te dragen tegen een onzekere tegenprestatie, zoals een (tijdelijke) lijfrente. Tenslotte is het denkbaar de huidige ondernemingswaarde te fixeren en achter te houden, waarna de werknemer relatief goedkoop kan instappen. Uitbetaling van die gefixeerde waarde kan dan later plaatsvinden als de onderneming het kan dragen.

Het zou de praktijk echter een stuk eenvoudiger maken als men erkent dat het in het belang van de onderneming is als een voordelige schenking kan worden gedaan aan de meest gerede opvolger, ook als dit een werknemer is.

Ik wil meer informatie ontvangen over dit onderwerp

(*)
Vul hier je naam in

(*)
Ongeldige invoer

Opmerking (optioneel)

(*)
Ongeldige invoer

Kees Kocks

Kees Kocks

Adviseur
Deel dit artikel
Accepteer marketing-cookies om dit artikel te kunnen delen.

Ik wil meer informatie ontvangen over dit onderwerp

Vul hier je naam in

Ongeldige invoer

Opmerking (optioneel)

Ongeldige invoer