Borgstelling: toestemming van de echtgenoot vereist?

Afgelopen zomer heb ik, na ruim vijf jaar samenzijn, mijn vriendin op het strand in Toscane ten huwelijk gevraagd en ze zei gelukkig “ja”. Het huwelijk is een geweldig feest waarmee je viert dat je samen bent. Daarnaast is het ook een belofte, een soort zekerheid, dat je voor elkaar instaat. Want hoeveel vertrouwen we soms ook hebben in de ander, het is altijd fijn om meer zekerheid te hebben.

Zo is het ook als je een bedrag wilt uitlenen of nog te vorderen hebt. Een overeenkomst van borgtocht kan een goede oplossing zijn om extra zekerheid te bieden. Hierbij stelt een derde zich borg voor een bepaald bedrag. Als de schuldenaar (bijvoorbeeld een bv) niet kan betalen, kan je als schuldeiser terecht bij die derde (bijvoorbeeld de bestuurder van die bv). Echter, als de derde getrouwd is, is toestemming nodig van zijn of haar echtgenoot of geregistreerd partner. En dat is in de praktijk een lastig punt.

Gevolgen ontbrekende toestemming

Als de echtgenoot of geregistreerd partner geen toestemming heeft gegeven terwijl dit wel was vereist, kan hij of zij de borgstelling ongedaan maken. Dat kan jaren na de borgstelling nog plaatsvinden. Dit is dus een risico voor de schuldeiser.

Normale uitoefening beroep of bedrijf

De toestemming is niet altijd vereist. Wanneer de borgstelling geschiedt in de normale uitoefening van het beroep of bedrijf van de borg, geldt er geen verplichting tot toestemming. Bij het financieren van zakelijke activiteiten van een bv komt het vaak voor dat de financier aan de ondernemer in privé vraagt om zich borg te stellen. Omdat de financiering in het belang van het bedrijf is, heeft de wetgever niet gewild dat de echtgenoot van de ondernemer de borgstelling kan tegenhouden door geen toestemming te geven.

Uit de rechtspraak blijkt overigens dat het niet belangrijk is of de borgstelling geschiedt in de normale uitoefening van het beroep of bedrijf, maar of de rechtshandeling waarvóór de borgstelling wordt aangegaan geschiedt in de normale uitoefening van het beroep of bedrijf.

Wat er precies onder de normale uitoefening van het beroep of bedrijf verstaan wordt is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Uit de rechtspraak blijkt wel dat een borgstelling door een bestuurder vanwege een (te) hoge rekening-courantschuld niet als normale uitoefening van het bedrijf gezien wordt. Dat het geld wordt gebruikt voor het financieren van de bedrijfsuitoefening van de onderneming maakt dit niet anders. Een hoog oplopende schuld is niet normaal en valt dus niet onder de normale uitoefening van beroep of bedrijf.

Conclusie

Het is niet altijd duidelijk of door de echtgenoot of geregistreerd partner toestemming verleend moet worden. Bij twijfel is het voor de schuldeiser verstandig om deze toestemming - voor de zekerheid - toch te krijgen. Als schuldeiser voorkom je hiermee het onnodige risico dat de borgstelling later ongedaan wordt gemaakt, waardoor je je zekerheid verliest.

Heb je een vraag over de toestemming of hulp nodig bij het opstellen van een borgtochtovereenkomst, neem dan contact met mij op!

 

Ik wil meer informatie ontvangen over dit onderwerp

(*)
Vul hier je naam in

(*)
Ongeldige invoer

Opmerking (optioneel)

(*)
Ongeldige invoer

Matthias Duijzer

Matthias Duijzer

Juridisch adviseur
Deel dit artikel
Accepteer marketing-cookies om dit artikel te kunnen delen.

Ik wil meer informatie ontvangen over dit onderwerp

Vul hier je naam in

Ongeldige invoer

Opmerking (optioneel)

Ongeldige invoer